
Een brandmeldinstallatie moet werken op het moment dat het erop aankomt. Dat vraagt om goed onderhoud én iemand die de installatie door het jaar heen beheert.
Die rol wordt in NEN 2654-1 aangeduid als Beheerder Brandmeldinstallatie. U komt ook de termen OP Brandmeldinstallatie (Opgeleid Persoon) en BMI-beheerder tegen. Daarmee wordt meestal dezelfde rol bedoeld: de persoon die verantwoordelijk is voor het dagelijkse beheer van de brandmeldinstallatie.
In dit artikel leest u welke taken en verantwoordelijkheden bij een beheerder horen, wanneer u een beheerder moet aanwijzen en wanneer het verstandig is om deze werkzaamheden uit te besteden.
De beheerder controleert maandelijks of de brandmeldinstallatie goed functioneert. Ook houdt deze persoon maandelijks bij welke controles zijn uitgevoerd en welke storingen of afwijkingen aandacht vragen.
De belangrijkste werkzaamheden zijn:
Een brandmeldinstallatie staat niet los van het gebouw. Een nieuwe kast, stelling of tussenwand kan een melder afschermen. Daarom kijkt de beheerder ook naar veranderingen rondom de installatie.
Is een brandmeldinstallatie verplicht in uw gebouw? Dan moet deze ook worden beheerd volgens NEN 2654-1. De installatie moet maandelijks worden gecontroleerd, het logboek moet worden bijgehouden en storingen moeten worden opgevolgd.
U kunt hiervoor een eigen medewerker opleiden. U kunt de controles ook laten uitvoeren door een externe BMI-beheerder.
Niet iedere medewerker kan deze taak zomaar uitvoeren. De beheerder moet hiervoor zijn opgeleid en weten hoe de installatie werkt.
Veel organisaties kiezen voor de opleiding Beheerder Brandmeldinstallatie (BBMI). De medewerker leert daar welke controles nodig zijn, hoe storingen worden opgevolgd en wat in het logboek moet worden vastgelegd.
Ook tijd en vervanging moeten goed geregeld zijn. De maandelijkse controles gaan door tijdens vakantie, ziekte of een personeelswissel. Alleen iemand aanwijzen is daarom niet genoeg.
Heeft u een opgeleide medewerker die de controles iedere maand uitvoert en is vervanging geregeld? Dan kunt u het beheer intern organiseren.
Uitbesteden kan verstandig zijn wanneer kennis bij één medewerker ligt, controles door drukte blijven liggen of u geen eigen medewerkers voor deze taak wilt vrijmaken.
Unit 14 kan de maandelijkse controles structureel of tijdelijk overnemen. Onze BMI-beheerders controleren de installatie, leggen de bevindingen vast en geven het direct door als vervolgactie nodig is. Uw installateur of vaste onderhoudsbedrijf blijft verantwoordelijk voor onderhoud en reparaties.
Lees meer over het uitbesteden van de maandelijkse controle van uw brandmeldinstallatie.
Wilt u weten of het beheer van uw brandmeldinstallatie goed is geregeld? Of zoekt u vervanging voor uw eigen beheerder?
Neem gerust contact op met Unit 14. We bekijken hoe het beheer nu is georganiseerd en welke ondersteuning bij uw gebouw past.
De termen worden vaak voor dezelfde persoon gebruikt, maar leggen een ander accent. OP staat voor Opgeleid Persoon en geeft aan dat iemand voor de werkzaamheden is opgeleid. Beheerder Brandmeldinstallatie is de benaming voor de rol binnen NEN 2654-1.
De beheerder controleert de brandmeldinstallatie iedere maand. De resultaten worden vastgelegd in het logboek. Een onderhoudsbedrijf voert daarnaast het periodieke onderhoud uit.
Ja. In het logboek staat welke controles zijn uitgevoerd, welke storingen zijn gemeld en welke acties zijn ondernomen. Zo blijft duidelijk wat al is gedaan en wat nog aandacht vraagt.
Nee. De medewerker moet hiervoor zijn opgeleid en de installatie goed kennen. Veel organisaties laten een medewerker de opleiding Beheerder Brandmeldinstallatie (BBMI) volgen.
Ja. Unit 14 kan de maandelijkse controles uitvoeren, terwijl onderhoud en reparaties bij uw huidige onderhoudsbedrijf blijven. We spreken vooraf duidelijk af wie welke taken uitvoert.